Geen ontsnappen meer aan: studenten moeten uit de spits

Nieuws
17 dec 2015

Minister Bussemaker wil 250 miljoen euro per jaar besparen op de OV-studentenkaart. Dat kan alleen als hogescholen en universiteiten in actie komen. Instellingen die de meeste studenten uit de spits halen, krijgen straks meer geld van de minister.

De ov-studentenkaart is duur. Veel te duur, vindt minister Bussemaker van Onderwijs al een tijdje. Zonder ingrijpen kost de kaart in 2025 één miljard euro per jaar en daar moet 250 miljoen vanaf.

Besparen lukt alleen als er minder studenten in de spits gaan reizen. Dus moest een taskforce onder voorzitterschap van Jeannette Baljeu onderzoeken “hoe de spits in het openbaar vervoer afgevlakt kan worden”. De onderwijsinstellingen spelen daar een belangrijke rol in, aldus het vandaag gepresenteerde advies.

Die hebben er baat bij om mee te werken. Het geld dat overblijft wordt over het mbo en het hoger onderwijs verdeeld “aan de hand van de herkomst van bespaarde middelen”, stond al in de opdracht aan de taskforce te lezen. Met andere woorden: als het aan de minister ligt krijgen hogescholen en universiteiten in regio’s waar veel wordt bespaard, straks meer geld van de overheid. De taskforce rijkt drie mogelijkheden aan om studenten uit de spits te krijgen.

Andere roosters

Als twintig procent van de spitsstudenten in de daluren zou gaan reizen, levert dat volgens de vervoerders 30 tot 35 miljoen euro op. Gezien het protest van onderwijsinstellingen is dat een “moeilijke oplossingsrichting”, erkent de taskforce. Maar niet een onmogelijke. “Anders roosteren hoeft niet te betekenen dat alle colleges pas vanaf 10.00 uur mogen starten.” De taskforce adviseert bijvoorbeeld om alle eerstejaars die van ver komen later op de dag in te roosteren, of de grootste hoorcolleges niet om negen uur te plannen.
Verder zouden universiteiten de spits ook in de bibliotheek kunnen bestrijden. Want wie nu na negen uur komt aanzetten, kijkt aan tegen een zee van lege stoelen die bezet worden gehouden met tassen en jassen. De Universiteit Utrecht heeft daarom besloten om de spullen op te ruimen van iedereen die langer dan een uur van zijn plek is. Daardoor is er later op de dag nog ruimte en hoeven studenten minder vroeg de bus of trein in.

Online leren

Verder verwacht de taskforce veel van online leren. In het hoger onderwijs zijn daar nog weinig concrete initiatieven voor, aldus het advies. Digitalisering mag niet ten koste gaan van het onderwijs, maar het biedt wel de mogelijkheid om bijvoorbeeld minder colleges om negen uur te roosteren.
Het UMC Utrecht maakt volgens de taskforce al op een slimme manier gebruik van digitale lessen. Voor studenten mee mogen doen met het vaardighedenonderwijs moeten ze eerst online de theorie oefenen. De instelling overlegt nu met verschillende opleidingen hoe ze e-learning ook kunnen gebruiken om de roosters aan te passen.
Als studenten een dag minder gaan reizen dankzij online colleges, levert dat in het hbo 33 miljoen euro op en in het wo vier miljoen.

Op de fiets

Optie nummer drie is de fiets. Kleine afstanden kunnen studenten best op de fiets afleggen maar dat gebeurt nu amper. De bus is immers gratis. De NS heeft al ov-fietsen op stations staan, en de taskforce overweegt of studenten daar wellicht gebruik van kunnen maken met hun ov-kaart.
Voor langere afstanden zijn e-bikes een optie. Daar wordt al mee geëxperimenteerd, bijvoorbeeld in Groningen en Amersfoort. Het zijn dure dingen, maar studenten zijn er enthousiast over en het scheelt veel reizigers. Als studenten vaker op de fiets of e-bike stappen zou dat minstens 33 miljoen euro kunnen opleveren en maximaal 168 miljoen. Bij dat laatste bedrag wordt er van uitgegaan dat alle afstanden tot vijftien kilometer op de fiets worden afgelegd, al noemt de taskforce dat zelf weinig realistisch.

Hoe nu verder?

Onderwijsinstellingen gaan met bestuurders, studenten en vervoersorganisaties overleggen aan zogeheten ‘regiotafels’. De ministeries van Onderwijs en van Infrastructuur moeten een gezamenlijk plan van aanpak maken voor de komende jaren en er komt een onderzoek naar de manier waarop onderwijsinstellingen hun gebouwen beter kunnen benutten.

©HOP

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren