Even bellen met: NVAO-voorzitter Anne Flierman ‘Docenten zullen weinig merken van afschaffen opleidingskeuring’

Even bellen met 01-09-2015 | Verlos ons van buitenstaanders die ons onderwijs beoordelen, verzuchten universiteiten en hogescholen. Ze staan in de rij voor het nieuwe systeem van kwaliteitsbewaking waarmee minister Bussemaker wil gaan experimenteren waarin ze zelf de kwaliteit van hun opleidingen bewaken. Maar lang niet alle instellingen kunnen die vrijheid aan, waarschuwt Anne Flierman, voorzitter van accreditatieorganisatie NVAO.

Zes universiteiten en zes hogescholen mogen de komende jaren meedoen aan het experiment met instellingsaccreditatie en daar kijken veel instellingen al reikhalzend naar uit. Het systeem waarbij de NVAO alleen de het kwaliteitsbewakingssysteem van een universiteit of hogeschool keurt, zou docenten bevrijden van de bureaucratische procedures die de huidige accreditaties op opleidingsniveau met zich meebrengen. Maar misschien komen ze bedrogen uit, zegt Anne Flierman, voorheen collegevoorzitter van de Universiteit Twente en nu voorzitter van de NVAO.

Het afschaffen van opleidingskeuringen scheelt toch een hoop een papierwerk?

“Er zijn goede argumenten om te experimenteren met instellingsaccreditatie, maar je moet het niet doen om de ‘ervaren lastendruk’ te verminderen. Docenten zullen er weinig van merken: ze moeten nog altijd verantwoording afleggen aan commissies van deskundigen, alleen zijn die straks ingehuurd door hun eigen onderwijsinstelling in plaats van de NVAO. Dat maakt in de praktijk weinig uit. Bovendien zullen de besturen van instellingen die aan het experiment meedoen willen bewijzen dat ze de kwaliteit van hun onderwijs echt in de hand hebben: dat vergt dus ook van de opleidingen extra werk en rapportages.”

Waarom willen zoveel instellingen hun keuringen liever zelf regelen?

“Er gaan bij ons een paar dingen fout, dat zien wij zelf ook wel. De procedures duren bijvoorbeeld te lang. Een panel van deskundigen stuurt ons een visitatierapport en dan zijn we geneigd eerst de vraag te stellen: is er iets mis bij deze opleiding? Als er staat dat de scripties beter kunnen, bedoelt het panel dan dat die nu ondermaats zijn? Ik heb eens een medewerker gehad die zei: je moet lezen wat er niet staat. Tja, dan duurt het eindeloos. We moeten meer van vertrouwen uitgaan: als het panel een opleiding met argumenten goedkeurt, is het gewoon goed.”

Wat is het voordeel van instellingsaccreditatie?

“Het grote voordeel  is dat je daarmee nog eens onomstreden vastlegt dat het bestuur van de instelling, en niemand anders, eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit van opleidingen. Het sluit aan op de terechte wens van vooral de universiteiten om meer autonomie te verkrijgen. Toch zitten er ook allerlei nadelen aan. Veel bestuurders vinden een kritisch NVAO-rapport best handig, want dan kunnen ze daarnaar verwijzen als ze ingrijpen. Wil je als bestuurder werkelijk zelf zeggen dat een opleiding niet deugt? Doe je dat ook als er twee winnaars van de Spinozapremie rondlopen? Zeg je dan, zonder rapport van de NVAO, dat de uitval te hoog is en te weinig studenten hun diploma behalen, en dat de opzet en organisatie van de opleiding moeten worden herzien? Dat is niet altijd een makkelijke boodschap.”

Pas op wat je wenst, bedoelt u.

“Ja. Een aantal universiteiten en hogescholen is wel toe aan die stap, maar ik zie ook een aantal dat nog niet zo ver is. En het is ook de vraag of beroepsverengingen het altijd aandurven. Vertrouwen zij op zo’n instellingskeuring of willen ze het niveau van de afgestudeerden voor de zekerheid zelf controleren? Dan voeren ze weer een eigen keurmerk in.  Daarom moeten we het huidige stelsel niet zo maar vervangen. Dat zal ik naar voren brengen tijdens het rondetafelgesprek over accreditatie dat donderdag in de Tweede Kamer plaatsvindt. We moeten vooral niet de indruk wekken dat instellingsaccreditatie de eredivisie is en opleidingsaccreditatie het amateurvoetbal. Er moeten straks drie gelijkwaardige keuzes moeten zijn: instellingsaccreditatie, opleidingsaccreditatie en ten slotte de lichte opleidingsaccreditatie na een instellingstoets.”

Is de in 2011 ingevoerde instellingstoets de voorloper van volledige instellingsaccreditatie?

“In het huidige stelsel combineren we de instellingstoets met een beperkte beoordeling van opleidingen. Dat laatste vervalt bij het experiment. De instellingsaccreditatie zal dan ook strenger moeten zijn dan die instellingstoets. Er zijn universiteiten die de instellingstoets hebben behaald – ze zouden dus hun randvoorwaarden op orde moeten hebben – maar die later toch voor allerlei opleidingen onvoldoendes kregen. Die problemen hadden ze eigenlijk moeten zien aankomen.”

©HOP, Bas Belleman en Hein Cuppen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren